
Een week is genoeg — als je goed kiest
Een week op Corsica is kort. Maar het is genoeg om de drie gezichten van het eiland te zien: de oude havensteden in het noorden, het bergachtige binnenland, en de stranden in het zuiden. Wat je dan wel moet doen is kiezen — niet proberen om alles te pakken.
Hieronder staat de route die ik een eerste-keer-bezoeker zou aanraden. Auto, geen motor (dat is een ander verhaal). Vertrek vanuit Bastia, terug via Bonifacio. Zeven dagen, vol genoeg om de aftrap te geven, ruim genoeg om niet uitgeput thuis te komen.
In één oogopslag
| Dag | Van → Naar | Hoogtepunt |
|---|---|---|
| 1 | Aankomst Bastia | Oude haven, eerste avond |
| 2 | Bastia → Cap Corse → Saint-Florent | Kustweg, vissershavens |
| 3 | Saint-Florent → Calvi | Désert des Agriates, Balagne |
| 4 | Calvi (rustdag) | Citadel, strand, haven |
| 5 | Calvi → Corte | Het bergachtige binnenland |
| 6 | Corte → Porto-Vecchio | Bavella en de Aiguilles |
| 7 | Porto-Vecchio + Bonifacio | Stranden + de stad op de kliffen |
Dag 1 — Aankomst in Bastia
De veerboten uit Toulon, Marseille en Nice komen aan in Bastia. Of je vliegt naar de luchthaven Poretta, een halfuur ten zuiden van de stad. In beide gevallen: pak je huurauto, check in bij je accommodatie, en gebruik de avond rustig.
Bastia is geen stad waar je dagen blijft, maar één avond is hem zeker waard. De Vieux Port is fotogeniek bij zonsondergang — felgekleurde vissersbootjes, hoge gevels, een handvol terrassen aan de kade. Eet in een van de buurtrestaurants in de oude wijk Terra Vecchia, niet aan de boulevard.
Tip Slaap niet aan de boulevard maar een paar straten landinwaarts. Stiller, en je loopt zo het oude centrum in.
Dag 2 — Cap Corse en Saint-Florent
Vandaag rij je het smalle schiereiland Cap Corse in noordelijke richting op. De D80 slingert langs de oostkust omhoog, met uitzichten over zee en stoppen in stille vissershavens als Erbalunga en Macinaggio. Bovenaan rond je het eiland en daal je af langs de westkust.
Halverwege de westkust passeer je Nonza, een dorp dat aan een rotswand kleeft met een zwart strand eronder. Stop hier voor de toren en de trap naar beneden — beide zijn gratis en de moeite waard.
Eind van de middag rij je via Saint-Florent richting je accommodatie. Saint-Florent zelf is een prettig stadje aan een baai, met een havengebied vol boten en restaurants. Loop het oude centrum in, niet alleen de havenkade.
Tip De rondrit Cap Corse is ongeveer 120 kilometer en duurt zo'n vier uur als je niet vaak stopt. Reken op een hele dag — anders mis je het punt.
Dag 3 — Saint-Florent → Calvi via de Balagne
Van Saint-Florent zijn er twee routes naar Calvi: de directe (binnendoor, 1.5 uur) of de omweg via de Balagne. Neem de omweg.
De Balagne is "de tuin van Corsica" — vruchtbaar, zonnig, met olijfboomgaarden en bergdorpjes hoog op de heuvels. Sant'Antonino is de bekendste van die dorpen: een rond bergdorp met smalle straatjes en uitzicht tot aan de zee. Combineer hem met het muziek- en ambachtsdorp Pigna een paar kilometer verderop.
Kom in de namiddag aan in Calvi. Twee nachten hier — de stad heeft genoeg te bieden om een hele dag stil te staan.
Dag 4 — Rustdag in Calvi
Een rustdag, maar niet stil. 's Ochtends: beklim de citadel en loop de oude binnenwijk door. Middag: strand. Het strand van Calvi is bijna zes kilometer lang en het water is rustig genoeg voor kinderen. Avond: dineer aan de haven, bij voorkeur in een van de oudere restaurants iets weg van de drukste hoek.
Tip Geen zin in stadsstrand? Pak de Tramway de la Balagne, een smalspoorlijn die langs de kust naar L'Île-Rousse hobbelt. Stap halverwege uit bij Plage de Bodri of Plage de l'Arinella — kleinere baaien, vaak rustiger.
Dag 5 — Calvi → Corte (het binnenland)
Vandaag het eiland in. De N197 loopt zuidwaarts via Ponte Leccia, daar pak je de N193 richting Corte, ongeveer twee uur in totaal. De weg gaat door bossen en langs rivieren — een ander Corsica dan de kust.
Corte is de historische hoofdstad van het binnenland, klein maar serieus, met een citadel en een universiteit. Loop omhoog naar het Belvédère voor het uitzicht. Eet in de oude stad — pasta met lokale worst, kazen uit de Castagniccia.
Slaap in Corte zelf of, mooier, in een van de bergdorpen iets verder zuidelijk. Santo-Pietro-di-Venaco ligt 15 minuten zuidelijk en heeft een handvol kleine logementen.
Dag 6 — Corte → Bavella → Porto-Vecchio
De rit met de mooiste uitzichten van de hele week. Vanuit Corte rij je zuidwaarts en kruis je het eiland via de D69 en D268 richting de Bavella-bergen. Granieten naalden boven dichte dennenbossen — hier hoort iedereen even uit te stappen op de Col de Bavella (~1200 m). Een korte wandeling vanaf de col loopt naar de Trou de la Bombe, een natuurlijk gat in de rotswand. Reken op anderhalf uur heen-en-terug, niet zwaar.
In de namiddag daal je af naar de zuidkust, richting Porto-Vecchio. Van bergen naar zee in twee uur — typisch Corsica.
Tip Bavella op zo'n 1200 meter hoogte is fris, soms tien graden koeler dan de kust. Trek iets met lange mouwen aan, ook in juli.
Dag 7 — Porto-Vecchio, stranden en Bonifacio
Laatste dag, en de iconische plekken. Twee opties hangen af van waar je vlucht of ferry vertrekt:
Optie A — Strand + Bonifacio. 's Ochtends naar Palombaggia of Santa Giulia voor een paar uur. Beiden liggen 15-20 minuten van Porto-Vecchio. Dan in de middag richting Bonifacio: de oude stad op de kalksteenkliffen, de trap naar beneden naar de zee, het uitzicht over de Straat van Bonifacio richting Sardinië.
Optie B — Lavezzi-eilanden. Heb je een hele dag? Pak de boot vanuit Bonifacio naar de Lavezzi-eilanden voor een dag snorkelen tussen witte rotsen en helder water. Ga vroeg, kom laat terug.
Sluit af in Bonifacio of rij terug naar Bastia voor je vertrek. De N198 langs de oostkust is de snelste route — ongeveer twee uur.
Wat je in deze week NIET doet
Een eerlijke lijst:
- Het binnenland écht ontdekken. De Castagniccia, de Niolu, het Asco-dal — daar heb je nog een week voor nodig.
- Alle stranden. Rondinara zit niet in deze route. Volgende keer.
- Wandelen. Behalve de korte hike op Bavella geen serieuze wandelingen. Voor de GR20 heb je twee weken nodig, alléén voor die wandeling.
- De westkust en de Calanches de Piana. Een van de mooiste stukken van het eiland, maar het past niet in een week zonder iets anders te schrappen.
Tip Liever rust dan tempo? Schrap dag 6, blijf een dag langer in Corte of Calvi, en sla de rit naar Bavella over. Je mist iets, maar je zit niet uitgeput thuis.
Wat je nodig hebt
- Huurauto. Niet onderhandelbaar — Corsica zonder eigen vervoer wordt frustrerend.
- Ferry of vlucht heen en terug. Reserveer minstens een paar weken vooraf in juli/augustus, een paar dagen in mei/juni.
- Accommodatie geboekt. Voor de hoofdmaanden niet improviseren — vooral in het zuiden zit alles vol.
- Een koelvest of zonbescherming, een waterfles, en degelijke schoenen voor Bavella.
Een week op Corsica is geen vakantie waarin je elke ochtend uitslaapt. Maar als je deze route volgt, kom je thuis met een goed beeld van het eiland — en met een lijstje voor de volgende keer.